Infectiepreventie als fundament voor veilige zorg, werkgeluk en goed werkgeverschap
Infectiepreventie in de mondzorgpraktijk is veel meer dan het volgen van een richtlijn. Het raakt aan gedrag, cultuur en dagelijkse keuzes. Hoe er wordt gewerkt met protocollen bepaalt niet alleen de veiligheid van patiënten, maar ook het werkgeluk en de ervaren werkdruk binnen het team.
Infectiepreventie begint lang voor de behandelstoel. Het zit in de houding van de medewerker die een patiënt ophaalt uit de wachtkamer. In de manier waarop een behandelkamer wordt klaargezet. In hoe er wordt omgegaan met handschoenen, met maskers, met de tijd tussen twee patiënten. Dat zijn keuzes die dagelijks worden gemaakt, vaak zonder er bij stil te staan. En ze beginnen bij de agenda.
De KNMT-richtlijn Infectiepreventie voor mondzorg-praktijken bestaat sinds 2016. En eindelijk vernemen we dat er een nieuwe richtlijn aankomt. Wat er precies gaat veranderen is nog niet bekend, maar het fenomeen richtlijn infectiepreventie blijft. Dat maakt dit het juiste moment om de praktijk op scherp te stellen. In een praktijk die nu goed georganiseerd is, landt een nieuwe richtlijn vanzelf.
Wie dagelijks in een praktijk werkt weet dat de afstand tussen de richtlijn op papier en het gedrag op de werkvloer soms groot is. Praktijkkleding hoort licht van kleur te zijn, toch werkt inmiddels de helft van de mondzorg in donkere kleding. Korte mouwen horen de norm te zijn zodat de onderarmen gedesinfecteerd kunnen worden, maar hoe voer je dat gesprek met een medewerker die om religieuze redenen de onderarmen bedekt? Sieraden horen af, en dan staat er iemand tegenover je die haar trouwring nooit heeft afgedaan en je aankijkt alsof je haar iets afneemt. Kunstnagels en nagellak: wie dat gesprek ooit heeft gevoerd als leidinggevende weet hoe snel het gaat over identiteit en vrijheid.
Het wordt persoonlijk en dat is precies waar het interessant wordt
Dit zijn de momenten waarop infectiepreventie ophoudt een hygiënekwestie te zijn. Het wordt een gesprek over iemands identiteit, over geloof, over wat iemand gewend is. En dat vraagt meer dan een verwijzing naar de richtlijn. Het vraagt om uitleg, om begrip voor de weerstand. Tegelijk is de richtlijn er om een reden: de veiligheid van de patiënt en de collega. Consequent zijn is dan het enige dat werkt. Vriendelijk en voor iedereen gelijk.
Het is dan ook geen toeval dat infectiepreventie in veel praktijken een stille bron van spanning is. De medewerker die het heel nauw neemt en ziet dat een collega er mee wegkomt. De assistent die weet hoe het hoort en merkt dat de agenda zo vol zit dat er simpelweg geen tijd is om alles goed te doen. Hoe gaat die assistent ’s avonds naar huis?
“Jouw praktijk is zo hygiënisch als de minst hygiënische medewerker”
Kijk eens rond tijdens een gewone behandeldag. Het mondneusmasker dat tussen twee patiënten onder de kin hangt. De handschoenen die nog aan zijn als iemand iets uit de la pakt. Een deurgreep die wordt vastgepakt. Een ontbrekend inspuitrek in de thermodesinfector. Of, het ontbreken van tijd.
Neem bijvoorbeeld het doorspoelen van de units tussen iedere patiënt door. Een handeling van misschien 10 seconden, die de waterleiding in de behandelunit spoelt en daarmee de kans op bacteriële besmetting aanzienlijk verkleint. En toch is het een van de punten waarop praktijken het vaakst tekortschieten. De reden die dan wordt gegeven is ook altijd dezelfde: daar is geen tijd voor.
“Als er geen tijd is om de unit door te spoelen, is er dan wel tijd om de patiënt het risico te laten dragen?”
Die vraag klinkt hard. Maar is wat het is. Telkens als er geen tijd is voor een stap in het protocol gaat de agenda voor de veiligheid van de patiënt. Bewust of onbewust. En dat werkt door; de assistent met het zorghart, die het gevoel heeft het werk niet veilig te doen, voelt werkdruk of stress.
Leiderschap: jij bepaalt het ritme
In veel praktijken merk je dat infectiepreventie als bijscholing niet de prioriteit heeft voor de tandarts. Vaak wordt dat gezien als een onderwerp voor het ondersteunend team. Tandartsen hebben dit immers al gehad op de universiteit. Die gedachte is begrijpelijk. Ze is tegelijk precies het probleem.
De verantwoordelijkheid ligt in de eerste plaats bij de praktijkhouder en de tandarts. Zij bepalen hoe de agenda eruitziet, hoeveel tijd er tussen behandelingen zit en hoe nieuwe medewerkers worden in-gewerkt. Een praktijkmanager die infectiepreventie op de agenda zet en geen mandaat krijgt om het te handhaven, staat met lege handen.
Intussen zijn het juist de ondersteunende functies die dagelijks het dichtst bij de uitvoering staan. Zij zien waar het misgaat, wanneer de tijd tekortschiet en wanneer de werkdruk zo hoog is dat de richtlijn er als eerste bij inschiet. Zij verdienen ruimte en leiding die de randvoorwaarden schept om goed te kunnen werken.
Als dat structureel ontbreekt ontstaat er iets verontrustends: medewerkers die precies weten hoe het hoort en toch het gevoel hebben dat ze hun werk niet goed doen. Infectiepreventie die onder druk staat is een sluipmoordenaar van werkgeluk. Een praktijk waar het wél goed geregeld is, is een praktijk waar medewerkers met minder stress werken. Waar het gewoon klopt.
Want juist die ene medewerker die zijn eigen werkwijze belangrijker vindt dan de afgesproken, bepaalt het niveau van de hele praktijk. In een mondzorgpraktijk gaat dat ten koste van de veiligheid van de patiënt en de medewerker.
Er is nog een argument dat zelden wordt genoemd: infectiepreventie als onderdeel van goed werkgeverschap. In een krappe arbeidsmarkt kiezen mondzorgprofessionals bewust voor een praktijk. Ze letten op sfeer, op organisatie, op hoe een praktijk met zijn medewerkers omgaat. Een praktijk waar infectiepreventie slordig is geregeld, waar de werkdruk hoog is en de protocollen onduidelijk, straalt dat uit. Een praktijk waar het klopt, ook. Goed geregelde infectiepreventie helpt je de juiste mensen aan te trekken. En ze te behouden.
Bewustwording werkt aanstekelijk
Een goede agenda is daarom net zo belangrijk als een goed protocol. Wie infectiepreventie serieus neemt bouwt de tijd die het kost in de planning in. Dat is een keuze die de praktijkhouder of manager maakt, bewust, met kennis van wat de richtlijn vraagt.
En wie nieuwe medewerkers aanneemt weet ook dat onboarding meer is dan uitleg over equipment en kennismaken. Een nieuwe assistent, een stagiaire, een invalkracht: zij moeten weten hoe infectiepreventie in deze praktijk werkt voordat ze zelfstandig aan de slag gaan.Bewustwording begint bij kennis. Waarom mag een mondneusmasker niet onder de kin hangen? Waarom spoelen we de slangen door? Wat doet een handschoen wel en wat doet hij niet? Wie die vragen kan beantwoorden werkt anders dan wie ze nooit heeft gesteld. En wie ze kan uitleggen aan een collega draagt bij aan een cultuur waarin infectiepreventie vanzelfsprekend is.
Zodra mensen in een praktijk écht begrijpen waarom infectiepreventie werkt zoals het werkt, verandert de toon. En is het geen verplichting meer van bovenaf, maar een gedeeld inzicht. De assistent die begrijpt waarom handschoenen er zijn om haar te beschermen werkt anders. De tandarts die begrijpt wat het doorspoelen doet, slaat die stap niet meer over. Bewustwording werkt aanstekelijk.
Infectiepreventie vraagt dagelijkse aandacht. Want gewoontes sluipen erin. Wat vandaag nog vanzelfsprekend is, wordt morgen een kleine afwijking en volgende week de nieuwe norm. De praktijk die denkt dat het wel goed zit omdat het gisteren ook goed zat, onderschat hoe snel het ritme verslapt. Infectiepreventie is een dagelijkse keuze.
Een goed gedesinfecteerd instrument is het absolute minimum. Wat telt is het gedrag eromheen.
Infectiepreventie is je cultuur, maak het bespreekbaar
De richtlijn is het vertrekpunt. Wat een praktijk echt nodig heeft is een cultuur waarin infectiepreventie leeft en van iedereen is. Dat vraagt om leiderschap en om de bereidheid om gedrag bespreekbaar te maken. Tandartsen en praktijkhouders die actief deelnemen aan bijscholing merken het verschil: minder werkdruk omdat processen kloppen, meer werkgeluk omdat het team weet waar het aan toe is en een praktijk waar patiënten het vertrouwen voelen zodra ze binnenkomen.
Infectiepreventie is een van de meest bepalende aspecten van hoe een praktijk werkt. Het begint bij de agenda. En de vraag is simpel: weet iedereen in jouw praktijk hoe het hier gaat?
Nicolette Biesters is eigenaar van Praktijk op Orde, adviesbureau voor beleid, kwaliteit en veiligheid binnen de mondzorg. Ze helpt tandartspraktijken om de praktijk op orde te krijgen en te houden en te voldoen aan eisen van wet- en regelgeving, onder andere door lean werken. Daarnaast ontwikkelt ze samen met andere bekende adviseurs het Praktijk op Orde keurmerk voor tandartspraktijken.

