Dit artikel beschrijft het concept van parodontale plastische chirurgie en presenteert twee klinische casussen waarin wordt aangetoond dat de coronally advanced flap (CAF), in combinatie met een bindweefseltransplantaat, voorspelbare wortelbedekking en verbetering van de weefselkwaliteit kan realiseren. Succesvolle resultaten zijn afhankelijk van een zorgvuldige casusselectie, chirurgische precisie en langdurig onderhoud.
Het mucogingivale complex speelt een cruciale rol bij het behouden van de gezondheid, stabiliteit en esthetiek van de weefsels rondom zowel tanden als implantaten. Mucogingivale chirurgie is een overkoepelende term voor parodontale behandelingen die gericht zijn op het corrigeren van defecten in de morfologie, positie en/of hoeveelheid van zacht weefsel en onderliggend bot rond tanden en implantaten. Het concept van mucogingivale therapie heeft zich in de loop der tijd aanzienlijk ontwikkeld. Toen Friedman in 1957 de term mucogingivale chirurgie introduceerde, omvatte deze alle chirurgische procedures die bedoeld waren om gezond zacht weefsel te behouden of te verbeteren.
In de afgelopen decennia hebben toenemende esthetische verwachtingen van patiënten geleid tot een verschuiving in de doelstellingen van deze behandelingen. Tegenwoordig is het doel niet alleen wortelbedekking, maar ook het bereiken van een optimaal esthetisch resultaat, waarbij kleur en textuur van het behandelde weefsel naadloos aansluiten op de omliggende weefsels (Stefanini et al., 2018). Om deze bredere doelstelling beter te weerspiegelen, heeft de American Academy of Periodontology de term mucogingivale chirurgie vervangen door parodontale plastische chirurgie. Deze term verwijst naar chirurgische procedures die worden uitgevoerd om anatomische, ontwikkelings-, traumatische of plaque-geïnduceerde defecten van de gingiva, alveolaire mucosa of het bot te voorkomen of te corrigeren.
Buccale gingivarecessies kunnen leiden tot esthetische bezwaren, dentinegevoeligheid en, in gevorderde gevallen, een bedreiging vormen voor de vitaliteit van het element. Historisch gezien waren behandelkeuzes sterk afhankelijk van de ervaring en het klinisch inzicht van de behandelaar. Tegenwoordig behoren technieken zoals de coronally advanced flap (CAF) en de tunneltechniek – en hun variaties – tot de meest toegepaste en best gedocumenteerde benaderingen. Talrijke klinische studies tonen aan dat deze technieken zowel biologisch stabiele als esthetisch aantrekkelijke resultaten kunnen opleveren.
De keuze voor de meest geschikte chirurgische techniek dient rekening te houden met anatomische factoren, zoals de aanwezigheid van niet-cariës cervicale laesie(s), interdentale klinische aanhechtingsverlies, interdentale wekedelenverlies, buccale verplaatsing van de wortel, de mate van gekeratiniseerd weefsel en gingivadikte, evenals de esthetische wensen van de patiënt en de noodzaak om de morbiditeit van de patiënt te minimaliseren.
De volgende twee klinische casussen illustreren hedendaagse chirurgische benaderingen voor de behandeling van gingivarecessies in de anterieure boven- en onderkaak.
Casus 1 – Esthetische klacht en hypersensitiviteit
Een 23-jarige gezonde vrouwelijke patiënt werd verwezen naar onze kliniek met esthetische klachten en dentinegevoeligheid ter hoogte van element 12 en 13 (afbeelding 1). Er werd gekozen voor een envelop-type coronally advanced flap (CAF) (Zucchelli et al., 2009) in combinatie met een gede-epithelialiseerd bindweefseltransplantaat (afbeelding 2).
Na het opklappen van de flap werden de papillen gede-epithelialiseerd en werd het transplantaat gefixeerd met 7-0 PGA-hechtingen (afbeelding 3). Vervolgens werd de flap coronaal verplaatst om de recessies volledig te bedekken en gefixeerd met 6-0 polyamide enkelvoudige en slinghechtingen (afbeelding 4). De patiënt kreeg postoperatieve instructies en de controleafspraken werden nagekomen. Bij controle na 2 maanden werd volledige wortelbedekking van element 12 en 13 bereikt (afbeelding 5). Het gingivale weefsel vertoonde een natuurlijke kleur en textuur, met een toegenomen weefseldikte, wat zowel esthetisch als functioneel een verbetering betekende (afbeelding 6). De patiënt werd terugverwezen naar de tandarts voor onderhoud, en een jaarlijkse follow-up bij ons werd ingepland.
Casus 2 – Preventie van paro-endo problematiek
Een 51-jarige vrouwelijke patiënt presenteerde zich met ernstige gingivarecessies variërend van 4 tot 8 mm bij elementen 31 tot en met 34 (afbeelding 7). Met name bij element 32 was er sprake van een gebrek aan gekeratiniseerde aangehechte gingiva, waarbij de recessie het apicale kwart van de wortel naderde. De patiënt had in het verleden een orthodontische behandeling ondergaan, maar wenste geen herbehandeling.
Er werd een vergelijkbare chirurgische aanpak gekozen als in casus 1, met als verschil dat twee verticale ontspanningsincisies werden gemaakt (afbeelding 8), mesiaal van element 31 en distaal van element 34, om mobilisatie van de flap te vergemakkelijken. Een bindweefseltransplantaat vanuit het palatum werd gede-epithelialiseerd (afbeelding 9) en gefixeerd met 7-0 PGA-hechtingen (afbeeldingen 10 en 11). De flap werd coronaal verplaatst en gefixeerd met 6-0 polyamide enkelvoudige en slinghechtingen (afbeelding 12).
Bij controle na 2 maanden werden uitstekende klinische resultaten waargenomen (afbeelding 13 en 14), met volledige wortelbedekking van element 33 en 34 en maximale haalbare bedekking van element 31 en 32, rekening houdend met het aanwezige interdentale aanhechtingsverlies (RT2-classificatie). De patiënt werd terugverwezen voor onderhoud, en een jaarlijkse follow-up bij ons werd ingepland.
Conclusie
Parodontale plastische chirurgie maakt voorspelbare functionele en esthetische resultaten mogelijk, mits gebaseerd op een juiste diagnose en techniekkeuze. De gepresenteerde casussen tonen aan dat een geindividualiseerde, evidence-based aanpak kan leiden tot succesvolle wortelbedekking en een natuurlijke integratie van het weefsel. De stabiliteit op lange termijn is uiteindelijk afhankelijk van consistent onderhoud en therapietrouw van de patiënt.
Gerry Karlis, parodontoloog NVvP werkzaam bij Parodontologie Praktijk Zwolle (PPZ). Voor referenties kun je contact opnemen met de auteur of de redactie per e-mail.
E-mail: ger.karlis@gmail.com.
Instagram: @perio_implant_dentistry
Gerry Karlis geeft op 2 en 3 oktober 2026 samen met collega-parodontoloog Tsoro-mokos in Breukelen een tweedaagse cursus, bestaande uit theorie en hands-on training, over zachte weefsels rond tanden en implantaten. Meer info: www.periomasters.com
